Intermittent fasting kan voor sommige vrouwen in de overgang goed werken, maar het is zeker geen must en voor lang niet iedereen de beste keuze. Je hormonen zijn in deze fase al aan het schuiven, en langere vastenperiodes kunnen bij een gevoelig systeem juist extra cortisol (stresshormoon) uitlokken, wat klachten zoals slaapproblemen, opvliegers of stemmingswisselingen kan verergeren in plaats van verminderen.
Ben je al gestrest, slaap je slecht of merk je dat je energie toch al wisselvallig is, dan is een milde vorm (bijvoorbeeld een eetvenster van 10-12 uur in plaats van strikt 16:8) vaak een veiligere start dan direct lang vasten. Voel je je juist goed, stabiel en energiek, dan kun je rustig uitproberen of een iets strakker schema bij je past, zolang je maar goed blijft luisteren naar signalen als extreme honger, duizeligheid of slechter slapen. Kortom: intermittent fasting is een hulpmiddel, niet een verplichting, en jouw eigen reactie is de beste meetlat.